De afzendernaam is het eerste wat iemand ziet, nog voor de onderwerpregel. In een volle inbox bepaalt die naam of je mail überhaupt wordt geopend.
De naam
Gebruik iets wat direct herkenbaar is. Meestal is dat je bedrijfsnaam. Werkt er iemand bij je die klanten kennen, dan werkt een persoonsnaam met het bedrijf erachter vaak beter: "Sanne van Bakkerij De Molen". Wat je niet doet is per campagne wisselen — herkenning is het hele punt.
Het adres
Drie regels:
- Verstuur vanaf je eigen domein, niet vanaf gmail.com of hotmail.com. Alleen op je eigen domein kun je SPF, DKIM en DMARC instellen, en zonder die records kom je bij grote providers niet aan.
- Geen noreply@. Het zegt letterlijk dat je niet geïnteresseerd bent in een antwoord, en antwoorden zijn juist een sterk signaal voor je afzenderreputatie.
- Een adres dat gelezen wordt. Zet er desnoods een doorstuurregel op naar je gewone postvak.
Het antwoordadres
Je kunt een ander reply-to instellen dan het afzenderadres, bijvoorbeeld je supportadres. Doe dat alleen als daar ook echt iemand kijkt.
Consistentie loont
Mailprogramma's leren van gedrag: wordt mail van deze afzender geopend, dan komt de volgende hoger te staan. Elke wijziging in naam of adres begint die opbouw opnieuw.